 |
STAP 1: DE STYLER KLAARMAKEN VOOR GEBRUIK
Allereerst moet je de styler klaarmaken voor gebruik.
Wanneer je de styler aanschaft zitten er 3 puntjes bij de styler: 2 tekenpuntjes en 1 tekenborsteltje.
Allereerst gaan we werken met de tekenpunt. Wanneer je de tekenpunt voor het eerst gebruikt, is het puntje nog rechthoekig. Er wordt een klein schuurpapiertje meegeleverd met de styler.
De eerste keer dat je hem gaat gebruiken moet je de punt schuren zodat hij rond wordt. Dit gaat heel makkelijk, maar je moet het wel een paar minuutjes goed doen. Het gaat erom dat
de punt zowel van voor naar achter als van links naar rechts mooi rond en glad is. Wanneer de punt nog (te) hoekig is, glijdt hij niet makkelijk over het papier en krijg je krassen in je
tekening.
Als je hem goed rond hebt geschuurd, glijdt hij zacht en soepel over het papier. Je kunt met je vingers voelen of hij ergens nog hoekig aanvoelt. Als dit zo is, moet je nog even verder schuren.
Het duurt bij elkaar miscchien maar een paar minuten, maar als je het niet goed doet, kun je de styler niet optimaal gebruiken en dat is zonde.
Het opschuren hoef je uiteraard alleen maar de eerste keer dat je de styler gebruikt te doen. |
 |
STAP 2: WERKEN MET HET TEKENPUNTJE
We gaan nu werken met het tekenpuntje. Op de styler zit een klein schroefje. Door dit schroefje een klein beetje los te draaien kun je de verschillende opzetstukjes erop zetten/verwisselen.
We zetten nu als eerste het tekenpuntje in de styler.
Sluit de stekker van de styler aan op een stopcontact. Vanaf nu moet je goed opletten, want de punt van de styler wordt heel erg heet (veel heter
dan de zool van het schilderijzertje)! Wees dus voorzichtig.
Leg nu een leeg encaustic kaartje klaar en kies een kleurtje bijenwasblokje uit. Wanneer je naar het tekenpuntje kijkt, zie je een klein gleufje in de punt.
Doop de punt van de styler in een wasblokje. Het gleufje zuigt zich nu vol met de bijenwas. Zet vervolgens de punt van de styler op je papier. Zorg er voor dat het gleufje altijd omhoog wijst.
Doe je dit niet (dus als het gleufje naar opzij wijst) dan kan de was niet uit de punt lopen en komt er niks op papier. Zorg er dus voor dat het gleufje in de punt altijd omhoog wijst.
Nu kun je de styler gebruiken om te schrijven, tekenen, etc. Door het gleufje waar de was in loopt werkt de styler als het ware als een kroontjespen.
Je kunt er in principe net zo nauwkeurig mee werken als een "normale" pen. Je zult merken dat de was op een gegeven moment op is. Als alle was uit het gleufje is gelopen komt er geen was meer
op de kaart. Dan doop je de punt eenvoudigweg opnieuw in een blokje en ga je verder waar je gebleven was.
Natuurlijk kun je ook met meerdere kleuren tegelijk werken. Doop de punt bijvoorbeeld eerst in een rood blokje, daarna in bijvoorbeeld een blauw blokje.
Eerst zal de styler blauw tekenen, daarna paars (de rode en blauwe kleur zullen halverwege een beetje in elkaar overlopen en paars worden) en daarna zal hij rood tekenen.
Hierdoor krijg je leuke effecten.
Dus kijk wat je op papier wilt hebben en leef je uit!
Hiernaast heb ik een aantal voorbeeldjes getekend wat je met de styler kunt maken.
Dunne lijntjes, dikke lijntjes (dan beweeg je de styler wat langzamer over het papier zodat er meer was uit kan lopen), golfjes, puntjes, kruisjes, etc.
Hiernaast zie je goed hoe de kleuren in elkaar overlopen als je de punt in verschillende kleuren doopt en vervolgens gaat tekenen of schrijven. Ik heb het woord gefeliciteerd geschreven zodat
je kunt zien dat je er net zo nauwkeurig mee kunt werken als met een pen. |
 |
STAP 3: WERKEN MET DE VERSCHILLENDE OPZETSTUKJES
Zoals gezegd heb je ook diverse opzetstukjes voor de styler. Op dit moment zijn er 12 opzetstukjes, zoals een rondje, vierkantje, druppel, ovaal, en nog veel meer.
In dit voorbeeld gaan we werken met het micro-opzetstukje. Deze heeft dezelfde vorm als het normale encaustic schilderijzer, alleen in het heel klein. Het handige van de kleine opzetstukjes is ook dat
je binnen in een tekening kunt werken zonder de rest eromheen te veranderen, dit lukt je niet met het schilderijzer omdat deze hier veel te groot voor is.
Hiernaast zie je een afbeelding van een fantasieplant. De stelen heb ik eerst getekend met het tekenpuntje. Als je dit voorbeeld na wilt maken dan kun je dus eerst met de tekenpunt een
aantal takken of stelen maken waar de blaadjes aan komen. Ik heb voor dit voorbeeld gekozen voor een donkere kleur (zwart) voor de stelen zodat ze mooi tegen de witte achtergrond afsteken.
Vervolgens verwissel je de tekenpunt voor het micro-opzetstukje. Draai het schroefje een klein beetje los, haal het tekenpuntje eruit (let op, de punt is erg heet, wees voorzichtig!) en zet het
micro-opzetstukje erop. Draai het schroefje nu weer goed vast.
Het micro-ijzertje zet je nu zachtjes tegen een wasblokje aan. Misschien is het handig om eerst even op een apart papiertje te oefenen. Op die manier zie je hoeveel was je nodig hebt,
hoe hard of zacht je moet duwen op het papier, hoe je het ijzertje op moet tillen, etc. Wanneer er gekleurde was op de micro zit, zet je hem zachtjes op het karton, tegen één van de steeltjes van de bloem,
zoals hiernaast afgebeeld. Als dit lukt, kun je er meerdere tekenen.
Het is ook leuk om een paar verschillende kleurtjes tegelijk te proberen (niet teveel was op de micro, zet anders met wat verschillende kleuren blokjes wat streepjes of stipjes op de zool
van de micro, tot deze vol zit met was). Voor de blaadjes heb ik gekozen voor contrasterende kleurtjes, zoals geel, donkerroze en lichtblauw. Zet nu de micro weer op het papier, en als het goed is
zie je dat 1 blaadje uit meerdere kleuren was is opgebouwd. Oefen dit een tijdje. In het begin zul je misschien iets teveel was gebruiken waardoor het meer een grote vlek dan een blaadje wordt. Of je zet de micro niet plat genoeg
op het papier waardoor je niet de hele afdruk ziet. Dit zijn kleine dingetjes waar je even op moet oefenen. Maar je zult zien dat je na even proberen de blaadjes krijgt zoals ze op het voorbeeld
te zien zijn. |